Albanië in 7 dagen

Kort antwoord: In 7 dagen ziet u het zuiden van Albanië goed: Tirana, de UNESCO-steden Berat en Gjirokastër, het Blauwe Oog, Butrint en Ksamil, en twee dagen aan de Albanese Rivièra. U rijdt ongeveer 750 kilometer met etappes van maximaal drieënhalf uur. De Albanese Alpen passen niet in dezelfde week; wie liever bergen ziet, kiest een aparte noordelijke week.

Een week is kort voor een land met bergen, UNESCO-steden en een kust van 400 kilometer, maar Albanië is compact genoeg om in zeven dagen een echte rondreis te maken. De voorwaarde is dat u kiest. Wie in een week de Alpen, de steden én het strand wil, brengt de helft van de tijd in de auto door en ziet van alles te weinig.

De route hieronder is de keuze die wij voor de meeste reizigers maken: het zuiden, met cultuur in de eerste helft en zee in de tweede. U overnacht op vijf plekken, rijdt nooit meer dan drieënhalf uur per dag en eindigt in Tirana, klaar voor de terugvlucht. Onderaan vindt u het alternatief voor wie liever een week de bergen in gaat.

Kan het in 7 dagen, en wat kiest u dan?

Ja, mits u het land in tweeën knipt. Albanië heeft drie ‘blokken’: de Alpen in het noorden, de UNESCO-steden in het midden en zuiden, en de kust van Vlorë tot Ksamil. Elk blok vraagt minimaal drie dagen. In een week passen er twee, en de combinatie steden plus kust is de logische: die liggen in elkaars verlengde, terwijl de Alpen een aparte lus vormen via Shkodër. Daarover leest u meer in de ideale rondreis door Albanië.

De week hieronder gaat uit van aankomst op dag 1 in de loop van de dag en vertrek op dag 7 in de middag of avond. Landt u pas ’s avonds, dan schuift alles een halve dag op en wordt de Tirana-dag korter; vertrekt u op dag 7 vroeg, dan overnacht u op dag 6 al in Tirana. De rijtijden zijn indicatief en gaan uit van rustig rijden overdag, wat wij in de bergen en aan de kust altijd aanraden.

De vijf overnachtingsplaatsen

  • Tirana (1 nacht): aankomst en eerste kennismaking.
  • Berat (1 nacht): de stad van duizend vensters.
  • Gjirokastër (1 nacht): de stenen stad.
  • Ksamil (2 nachten): strand, eilandjes en Butrint.
  • Himarë (1 nacht): de Rivièra en de Llogara-pas.

Dat zijn drie eennachtsverblijven op rij, en dat is meer dan wij normaal adviseren. In een week is het de enige manier om zowel de steden als de zee te zien. Wilt u meer rust, dan is Albanië in 10 dagen de betere keuze; daarin krijgt elke plek twee nachten.

De route dag voor dag

Onderstaand schema is de ruggengraat van de week. Elke dag heeft één hoofdactiviteit en één rijetappe, zodat u nooit in het donker aankomt.

Dag Route Rijtijd Hoogtepunten Overnachting
1 Aankomst Tirana 30 min vanaf luchthaven Skanderbeg-plein, Bunk’Art 2, Blloku Tirana
2 Tirana, Berat 2 uur Kasteel, Onufri-museum, Mangalem bij avondlicht Berat
3 Berat, Gjirokastër 3 tot 3,5 uur Vjosa-vallei, burcht, torenhuizen, bazaar Gjirokastër
4 Gjirokastër, Syri i Kaltër, Ksamil 1,5 uur Blauwe Oog (vroeg), middag strand Ksamil
5 Ksamil en Butrint 15 min Butrint in de ochtend, eilandjes in de middag Ksamil
6 Ksamil, kustweg, Himarë 1,5 uur plus stops Borsh, Qeparo, Gjipe of boottocht Himarë
7 Himarë, Llogara, Vlorë, Tirana 4 uur Llogara-pas, lunch met uitzicht, vertrek Vlucht

Totale afstand ongeveer 750 kilometer. De langste etappe is dag 3 (Berat–Gjirokastër); vertrek dan voor tien uur, zodat u rond twee uur in Gjirokastër bent en de middag voor de stad heeft. Dag 7 is alleen haalbaar bij een vlucht na ongeveer vijf uur ’s middags; bij een vroegere vlucht rijdt u op dag 6 vanuit Ksamil rechtstreeks over de kust naar Tirana (5 tot 6 uur) en laat u Himarë vallen, of u wisselt Himarë in voor een laatste nacht in Tirana.

Dit schema is ook de basis van onze 8-daagse fly-drive Hoogtepunten van Albanië, met één dag extra zodat de laatste nacht in Tirana valt en de rit over de Llogara-pas geen haastwerk wordt.

Dag 1 en 2: Tirana en Berat

De luchthaven ligt op een half uur rijden van het centrum van Tirana. Haalt u de huurauto direct op, parkeer hem dan bij het hotel en verken de stad te voet; het centrum is compact en het verkeer is niet iets wat u op de eerste dag wilt ervaren. Loop over het Skanderbeg-plein, bezoek Bunk’Art 2 onder het ministerie (anderhalf uur, een goede inleiding op de communistische periode) en eindig in Blloku voor het avondeten. Heeft u meer tijd, neem dan de kabelbaan naar de Dajti voor het uitzicht over de vlakte.

Op dag 2 rijdt u in twee uur naar Berat. De weg loopt via Lushnjë door vlak landbouwgebied; het laatste halfuur ziet u de heuvels van Berat opdoemen. Kom vóór de lunch aan, laat de auto bij het hotel en loop in de middag naar het kasteel: een klim van twintig minuten over kinderkopjes. Binnen de muren woont nog steeds een handvol families en staan de Byzantijnse kerkjes; het Onufri-museum in de kathedraal heeft iconen uit de zestiende eeuw. Daal tegen zes uur af, steek de Gorica-brug over en kijk terug: Mangalem in avondlicht is het beeld waarvoor u naar Berat kwam.

Tip voor de avond

Eet in de wijk Gorica, aan de rustige kant van de rivier, of in een van de restaurants langs de boulevard. Bestel tavë kosi (lam met yoghurt), het gerecht van Berat, en een glas rode wijn van de druif Shesh i Zi uit de omgeving. Wie de volgende ochtend vroeg vertrekt, loopt voor het ontbijt nog even door Mangalem als de straatjes nog leeg zijn.

Dag 3 en 4: Gjirokastër, het Blauwe Oog en Ksamil

De rit van Berat naar Gjirokastër is met drie tot drieënhalf uur de langste van de week. De route via Fier en Tepelenë volgt op het laatste deel de rivier de Vjosa; stop in Tepelenë voor koffie boven het water. In Gjirokastër parkeert u onder de oude stad en loopt u omhoog naar de bazaar. De burcht (een uur, inclusief wapenmuseum en het uitzicht over de Drino-vallei) en één torenhuis (Zekate of Skenduli, een half uur) zijn de must-sees; de rest van de middag wandelt u door de steegjes van de wijken Palorto en Manalat, waar de huizen met daken van leisteen het mooist zijn.

Dag 4 begint vroeg. Op 35 kilometer richting Sarandë ligt de bron Syri i Kaltër, het Blauwe Oog: een ruim 50 meter diepe put waaruit ijskoud water opborrelt in kringen van donker- naar lichtblauw. Vóór tien uur heeft u de plek bijna voor uzelf; na elf uur staat de parkeerplaats vol en wordt het pad naar de bron druk. Reken op een uur inclusief de wandeling. Daarna is het nog een uur naar Ksamil, waar u de middag aan het strand doorbrengt.

Ksamil in het kort

Ksamil is een dorp met een handvol kleine stranden en vier eilandjes op zwemafstand, waar het water door het witte zand turkoois kleurt. In juli en augustus is het druk en zijn strandbedden schaars; in juni en september heeft u dezelfde kleuren met de helft van de mensen. Wij gebruiken voor deze twee nachten liefst een kleinschalig hotel iets buiten het dorpscentrum, met een terras en op loopafstand van een strand.

Dag 5 en 6: Butrint, de kustweg en Himarë

Dag 5 is de enige dag zonder verhuizing, en die verdient een rustige invulling. Rijd ’s ochtends om acht uur naar het archeologische park Butrint, vijf minuten van Ksamil. U loopt in twee tot drie uur langs een Grieks theater, een Romeins badhuis, het baptisterium met mozaïekvloer en de Venetiaanse toren, allemaal in de schaduw van oude bomen aan de lagune. Ga vroeg: vanaf elf uur arriveren de dagtoeristen uit Korfoe. De middag is voor het strand, een boottochtje naar de eilandjes of een ijsje op de boulevard van Sarandë, twintig minuten verderop.

Op dag 6 rijdt u de kustweg naar het noorden. De afstand naar Himarë is maar 55 kilometer, maar de weg klimt en daalt langs de baaien van Lukovë, Borsh en Qeparo, en u wilt overal stoppen. Reken op een halve dag. Het kiezelstrand van Borsh is een van de langste van het land en bijna nooit vol; het oude Qeparo, hoog op de helling, is een stenen dorp waar de tijd stil lijkt te staan. Kom in Himarë aan voor de lunch en gebruik de middag voor de baai van Gjipe (per boot vanaf de haven, of met de auto naar het klooster van Sint-Theodorus en dan een half uur lopen) of gewoon het strand van Livadhi.

Waarom Himarë en niet Dhërmi?

Beide zijn goede keuzes. Himarë is een echte plaats met een haven, een oud dorp boven op de berg en restaurants die het hele jaar open zijn; Dhërmi is mondainer, met strandclubs en een jonger publiek. Voor één nacht met de Llogara-pas op het programma is Himarë net praktischer. Meer over de dorpen leest u in alles over de Albanese Rivièra.

Dag 7: over de Llogara-pas terug naar Tirana

De laatste dag is een rijdag, maar wel de mooiste van de week. Vanuit Himarë rijdt u in drie kwartier via Vuno naar Dhërmi en begint daar de klim naar de Llogara-pas: dertig minuten haarspeldbochten omhoog naar ongeveer 1.030 meter, met bij elke bocht een breder uitzicht op de kust die u net verlaten heeft. Stop bij de uitkijkpunten, en lunch op de pas in een van de restaurants tussen de dennen; het lamsvlees hier is bekend in het hele land. Aan de noordzijde daalt u door het nationaal park af naar de vlakte van Vlorë, waarna de snelweg via Fier en Durrës in tweeënhalf uur naar Tirana en de luchthaven leidt.

Totale rijtijd Himarë–luchthaven: ongeveer vier uur exclusief stops. Bij een vlucht na vijf uur ’s middags is dat ontspannen haalbaar; bij een vroegere vlucht overnacht u de laatste nacht in Tirana en rijdt u de pas op dag 6.

Als u de week anders wilt indelen

  • Meer stad, minder zee: voeg een nacht toe in Gjirokastër en schrap Himarë. U rijdt dan op dag 7 vanuit Ksamil via Gjirokastër en Fier terug naar Tirana (5 uur).
  • Meer zee, minder stad: combineer Berat en Gjirokastër niet, maar kies één van beide en geef Ksamil of Himarë een derde nacht.
  • Korter en stedelijk: onze 5-daagse stedentrip Tirana, Berat en Gjirokastër laat de kust weg en past in een lang weekend plus twee dagen.

Alternatief: een week in de Albanese Alpen

Wie liever wandelt dan aan het strand ligt, gebruikt dezelfde zeven dagen voor het noorden. De route is dan: Tirana (1 nacht), Shkodër (1), Theth (2), over de Valbona-pas naar Valbona (2), via de veerboot over het Koman-meer terug naar Shkodër en Tirana (1). U wandelt drie tot vier dagen, waaronder de klassieke oversteek van 15 tot 17 kilometer over de pas op 1.800 meter, en u vaart drie uur door een kloof die met de Noorse fjorden wordt vergeleken. Deze week vraagt een redelijke conditie en is alleen haalbaar van half juni tot eind september.

Praktisch verschil met de zuidelijke week: een huurauto heeft u in de Alpen niet nodig en is zelfs lastig, omdat u aan de andere kant van de bergen uitkomt. Wij regelen in onze 7-daagse actieve reis door Theth en Valbona de transfers, de bagage over de pas, de veerboot en een lokale gids, zodat u alleen hoeft te lopen.

Praktische punten voor beide weken

  • Reis in mei, juni of september; in juli en augustus is de zuidelijke route heet in de steden en druk aan de kust, de noordelijke route is dan juist op zijn best.
  • Kies een huurauto met volledige verzekering; onze auto’s komen van partners die wij zelf op onderhoud en afhandeling beoordelen.
  • Reserveer hotels ruim vooraf; kleinschalige adressen in Berat, Gjirokastër en Ksamil zijn snel vol.
  • Neem lek op zak voor entrees, parkeren en kleine restaurants buiten de steden.

Wilt u deze week met hotels, huurauto en Nederlandstalige ondersteuning laten uitwerken, bekijk dan onze 8-daagse fly-drive Hoogtepunten van Albanië of vraag persoonlijk reisadvies aan; wij passen de route aan op uw vluchttijden en voorkeuren.

Gecontroleerd op 2026-09-04 door de redactie van AirTour Vakanties.

Veelgestelde vragen

Is een week genoeg voor Albanië?

Voor het zuiden wel: Tirana, Berat, Gjirokastër, Ksamil en de Rivièra passen in 7 dagen met etappes van maximaal drieënhalf uur. De Albanese Alpen passen niet in dezelfde week; daarvoor kiest u een aparte noordelijke route.

Hoeveel kilometer rijd ik in een week Albanië?

Ongeveer 750 kilometer voor de zuidelijke ronde Tirana, Berat, Gjirokastër, Ksamil, Himarë, Tirana. De langste dagetappe is Berat–Gjirokastër met drie tot drieënhalf uur.

Kan ik in 7 dagen zowel de Alpen als de kust zien?

Het kan, maar wij raden het af: u rijdt dan twee dagen bijna volledig en heeft in Theth en aan zee elk maar één volle dag. Kies liever noord óf zuid, of neem 12 tot 14 dagen.

Heb ik een huurauto nodig voor Albanië in 7 dagen?

Voor de zuidelijke route wel; de afstanden en de kustweg zijn met openbaar vervoer te traag voor een week. Voor de Alpen-week juist niet: daar reist u met transfers, te voet en per veerboot.

Waar overnacht ik het beste in een week Albanië?

Tirana (1 nacht), Berat (1), Gjirokastër (1), Ksamil (2) en Himarë (1). Bij een vroege terugvlucht wisselt u Himarë in voor een laatste nacht in Tirana.

Wat is de beste maand voor een week Albanië?

Mei, juni en september. Dan is het 24 tot 28 graden, het zeewater te zwemmen en zijn de steden en stranden niet overvol. Voor de Alpen-variant zijn juli en augustus juist goed.

Persoonlijk advies

Zelf naar Albanië?

Wij stellen uw reis samen op basis van uw wensen, met zelf geselecteerde hotels en een Nederlandstalig aanspreekpunt voor, tijdens en na de reis.

Bekijk alle reizen naar Albanië Vraag persoonlijk reisadvies aan